Wat gaan we ervoor doen? (Volgens begroting)

Als gemeente staan wij in beginsel open voor alle woonvormen waarmee op een ruimtelijk verantwoorde wijze invulling gegeven kan worden aan onze woningbouwopgave. Dit kunnen dus ook flexibele woonvormen zijn, die voor meerdere doelgroepen geschikt zijn. De inzet van tijdelijke flexibele woningbouw zullen wij in de periode 2025-2028 moeten inzetten om onze wettelijke huisvestingstaakstelling voor statushouders in te kunnen vullen en de druk van de sociale huurmarkt af te halen. Hier trekken wij met onze corporaties gezamenlijk in op.

Inmiddels hebben wij een uitvraag aan de corporaties voorgelegd voor het uitbrengen van een gezamenlijk bod op de realisatie van tijdelijke woningen op een aantal locaties.  Met de corporaties is afgesproken dat zij uiterlijk 1 november 2024 een gezamenlijk bod hierop uitbrengen. Afhankelijk van dit bod, zal de raad in het 1e kwartaal van 2025 worden voorgesteld budget beschikbaar te stellen voor het bouw- en woonrijp maken van de gronden waarop de corporaties deze huisvesting gaan realiseren, zodat met de bouw van deze woningen in de 2e helft van 2025 kan worden begonnen.

Voortgangsindicator

G

Wat hebben we ervoor gedaan?

Bij het vaststellen van de 2e Burap 2025 op 1 juli 2025 heeft uw raad € 500.000 krediet gereserveerd voor het bouw- en woonrijp maken van het 3e (sport)veld in Margraten. Ten behoeve van 20 tijdelijke en flexibele woningen voor het huisvesten van sociale doelgroepen. De bekenmaking van dit besluit heeft geleid tot een aantal reacties vanuit Margraten, waardoor besloten is verder geen uitvoering te geven aan dit project. Uw raad is hierover via een RIB in het najaar van 2025 geïnformeerd.

In 2025 hebben wij geen concrete aanvragen voor flexibele woonvormen ontvangen. Wel is door een stichting geïnformeerd naar de bereidheid van de gemeente om medewerking te verlenen aan flexibele woonvormen (woonvorm voor mix van ouderen en jongeren) en is haar in een (positief) gesprek meegedeeld hier gezamenlijk constructief naar te kijken als de stichting een concreet pand of perceel hiervoor op het oog heeft. Van de stichting is hierna niets meer vernomen.